|
Sacha
de Boer van het NOS Journaal
"Binnenkomen
op plaatsen die mij fascineren, dat is wat ik wil"
WEESP - Sacha de Boer was een jaar of tien toen ze het
politiebureau van Weesp binnenstapte. Dat zat toen nog aan de
Nieuwstraat, zo'n statig pand tegenover de kerk. Zoals wel meer
kinderen in Weesp was ze gefascineerd door wat daar allemaal
gebeurde. Als nieuwsgierigheid het won van de angst voor de
strenge agent, gluurde je door het raam. Maar dat ging Sacha
niet ver genoeg. Ze had immers een fotocameraatje. Samen met een
vriendinnetje waagde ze het om naar binnen te stappen en
zwaaiend met de camera te zeggen: "Hallo, wij maken een
reportage over Weesp. Mogen we even rondkijken?" Prompt
kregen de jongedames een rondleiding. Nu, ruim twintig jaar
later, zegt Sacha: Dat was voor het eerst dat ik besefte wat de
macht van de camera was. Dat je dat als excuus kunt gebruiken om
je nieuwsgierigheid te bevredigen."
In feite is dat trucje met de camera inmiddels een belangrijk
deel van Sacha's werk: verslaggeving en nieuwslezen bij het NOS
Journaal. "Ik ontdekte het later opnieuw toen ik in mijn
studententijd een videocursus deed en met de camera om mijn nek
ineens junks durfde aan te spreken. Wat doe jij daar, hoe kom je
aan die fiets? Dat zou ik anders nooit durven te vragen. En
inderdaad, daar bestaat de helft van mijn werk nu uit. Allemaal
begonnen met die camera in het politiebureau van Weesp. Nu we zo
over Weesp zitten te praten, schiet me dat ineens weer te
binnen."
Sacha de Boer woonde van haar vierde tot haar negentiende
jaar in Weesp. Voor en na die tijd woonde en woont ze in
Amsterdam. "Ik heb me dus nooit een echte Weespse gevoeld.
Sorry Weesp." Maar al pratende komen er toch meer dingen
boven dan ze vooraf vermoedde. "Een lastige puber zijnde,
had ik geen oog voor de schoonheid van Weesp. Sinds ik er weg
ben, is dat wel veranderd. Ik kan me de uitzending van Ontdek je
Plekje nog wel herinneren, waarin al die mooie geveltjes te zien
waren. Ze noemden Weesp 'een schatje van een stadje'. Toen dacht
ik wel weer: dat is ook mijn stadje."
Dezelfde mooie geveltjes waren in Sacha's jeugdjaren een gewild
onderwerp voor die al gememoreerde fotocamera. "Dat was
zo'n Agfa-klak, die ik amper kon bedienen omdat hij zo groot
was. Ik herinner me nog precies de foto's die ik toen gemaakt
heb. Ze liggen vast nog wel ergens op zolder bij mijn vader. Ik
was een jaar of acht toen ik daarmee begon. Stond ik aan de
andere kant van de Vecht, zag de witte brug en die mooie
geveltje van de Hoogstraat daar tussendoor, weet je wel. Toen
had ik al zoiets van: dat is een mooi plaatje."
Passie
Fotograferen is nog steeds haar passie. Ze volgt een
gevorderdencursus bij een fotoacademie in Amsterdam, beschikt
over een fotografisch oog en brengt dat in praktijk door zich
tijdens reportages voor het Journaal op te werpen als het derde
oog van de cameraman. "Ik heb trouwens bijna altijd een
fototoestel bij me. Altijd wel op zoek naar dat beeld waarin je
de situatie mooi kunt vangen. Maar mijn beroep zou het niet
moeten zijn, denk ik. Dan moet elke foto die je maakt goed zijn.
Nu hóef ik geen mooie platen te schieten. En elke keer dat het
toch lukt, is meegenomen."
Dus zweert Sacha bij haar huidige baan. Een voorkeur voor
nieuwslezen of verslaggeving heeft ze niet direct. De voorkeur
gaat juist uit naar de combinatie ervan. Een afwisseling die
haar zowel op de redactie als in het veld bovenop het nieuws
houdt. En dat is wat haar beweegt. "Ik wil iets doen met
wat er in de wereld gebeurt. Alles volgen, erbij zijn, verslag
doen. Dat ben ik. Je bent nieuwsgierig, je vindt dingen uit en
je vertelt dat aan anderen. Dat is toch fantastisch? En
natuurlijk: je moet altijd het nieuws volgen, je moet altijd de
kranten lezen en overal van op de hoogte zijn. Maar dat vind ik
helemaal geen moeten. Ik vind dat juist leuk. Ik heb een
geweldig vak!"
Dokter
Sacha de Boer, van dochter-van-de-dokter tot journaal-babe.
Kwalificaties waar ze nog wel iets op te zeggen heeft. "Dat
ik de dochter van de dokter ben, hebben anderen op één of
andere manier als bijzonder beschouwd. Er werd een soort
standsverschil opgehouden. Ik kan me een strenge winter
herinneren met ijs op de straten. Kon je naar school schaatsen.
(Kom, hoe heet 'ie ook al weer… o ja, de Leeghwaterschool.) Op
de trap van de school lag geen ijs, dus daar stapte ik met
schaatsen en al op. Zonder beschermers. De meester bij de ingang
merkte toen op dat je wel kon zien dat mijn vader dokter is.
Daar begreep ik niks van. Hij bedoelde natuurlijk iets van: dit
kost je je schaatsen, maar je vader heeft toch geld genoeg. Ik
werd als een soort rijkeluiskind gezien. Ja, dit is echt een
jeugdtrauma hoor. Zelfs toen ik op mijn vijftiende vakantiewerk
deed bij Philips Duphar - flesjes in een doosje stoppen - kreeg
ik commentaar. "De Boer uit de Zeeburgstraat, familie van
de dokter? Maar schat, dan hoef jij toch helemaal niet te
werken?" Ja echt, dat werd gezegd. Hoogst vreemd, alsof ík
geen geld voor de vakantie hoefde te verdienen. Een ouderwets
vooroordeel, bij deze hoop ik definitief uit de wereld geholpen.
Overigens, op de middelbare school in Hilversum, echt zo'n
kakschool, was juist het tegenovergestelde het geval. Want ik
kwam uit Weesp en heette nog De Boer ook."
En nu is het weer: Sacha de Boer, die mooie vrouw van het
Journaal. "Oh, is dat zo? Nou, ik ben daar niet zo mee
bezig. Ik hoor via via dat mensen dat vinden. Maar er gaat nog
een hoop make-up op hoor. Ach, ik vind het voor mijn werk niet
belangrijk. In het begin is het zelfs nog eerder een handicap,
omdat ze denken dat als je een leuk bekkie hebt, je dus ook
minder hersens hebt. En dat ik op websites journaal-babe wordt
genoemd: elke vrouw die één keer met haar hoofd op tv
verschijnt gaat tegenwoordig door voor tv-babe."
Late journaal
De beeldverslagen van Sacha kunnen in elk Journaal
uitgezonden worden. Lezen doet ze alleen in het Journaal van
22.00 en 23.45 uur. Uitzondering is de zondag, waar ze in
wisseldienst alle uitzendingen van de dag voor haar rekening
neemt. "Als het rode lampje aangaat, merk ik een aangename
concentratie. Hoewel, na een lange zondagsdienst wil je bij het
laatste journaal nog wel eens moe zijn. Dan is een foutje zo
gemaakt. Of verspreken erg is? Eh… een beetje erg."
Voor het presenteren van het 8 Uur Journaal, hét
paradepaardje van de NOS, is Sacha vijfde in rij. Iets waar je
je status aan kunt aflezen? "Sommigen vinden het 8 Uur
Journaal het ultieme doel. Ik denk daar anders over. Misschien
ooit nog eens, maar ik heb niet de neiging om dat ook te willen.
Wat ik nu doe, vind ik erg prettig. Hoewel kwart voor twaalf een
beetje laat is. Veel mensen slapen al, terwijl we echt een heel
erg leuk journaal maken. Ik mag dan een avondmens zijn, maar
voor de kijker zou elf uur veel beter zijn."
Vak
Sacha praat veel over het vak van nieuwslezer. Dat doet ze
met collega's, onder wie natuurlijk haar vriend Rick Nieman, die
onder meer nieuwslezer is bij het RTL Nieuws, de concurrent van
het NOS Journaal. "Nieuwslezen is een vak, zeer zeker. En
kennelijk beheers ik het. Ik weet nog wel dat ik na mijn studie
ben gaan nieuwslezen bij Radio 10. Ik was klaar met mijn
bulletin, keek opzij en zag Joop van Zijl in de studio staan.
Stak zijn duim op! Nou, dat vond ik heel wat: Mister Journaal
die vond dat ik het goed deed."
"Ik ben er toevallig ingerold door het te doen. Door een
week lang de krant in te spreken op een bandje en terug te
luisteren. Later heb ik bij RTL training gehad. Ik heb het
Nieuws van AT5 gepresenteerd. En daarna kwam Veronica
Nieuwslijn, jammer dat dat niet meer bestaat trouwens. In al die
tijd heb ik natuurlijk veel bijgeschaafd. En met Rick heb ik het
er veel over. De kunst is om het te laten klinken alsof er geen
kunst aan is. Zo natuurlijk mogelijk iets vertellen.
En-niet-te-laten-horen-dat-je-precies-de-woorden-leest-die-er-staan."
En dan is er ook nog een gevoelige nuance tussen het nieuws
lezen en het nieuws presenteren. "Philip Freriks
presenteert het nieuws, ik lees het. Dat is een gevoelige
balans. Ik ben een betere nieuwslezer dan presentator. Philip is
een betere presentator dan nieuwslezer. Dan kan je zelf wel
bepalen waar de lijn ligt."
Element
De dag die vooraf gaat aan het lezen van de late journaals
brengt Sacha grotendeels op de redactie door. Daar volgt ze alle
ontwikkelingen van het nieuws, overlegt ze mee over de aanpak en
maakt ze de teksten die ze 's avonds moet voorlezen 'bekkend'. Een dag als verslaggeefster ziet er geheel anders uit.
"Soms weet je een dag van tevoren al waar je heen gaat. Dat
is dan door de bureauredactie uitgezocht. Daar kan ik vanuit
huis naar toe. Een voordeel van in Amster-dam wonen - maar okee,
Weesp had ook gekund. En je hebt natuurlijk de nog actuelere
zaken, zoals laatst met mond- en klauwzeer. Ik was bezig met een
item over een beroemde choreografe, toen ik werd gebeld met de
opdracht ogenblikkelijk naar Utrecht te gaan. Want er was een
vervoersverbod ingesteld. Dus ineens moet je helemaal uit het
ballet en je richten op het werk van de algemene inspectiedienst
die met wagentjes de weg op ging om te controleren of het
vervoersverbod werd nageleefd. Wij reden achter die controleauto
aan en voordat we het wisten zaten we vol in de achtervolging op
een veewagen."
"Kijk, dat is natuurlijk fantastisch. Hup, camera erop
en meteen draaien. Dan is er niks van tevoren geproduceerd, dan
moeten we het allemaal zelf maar uitzoeken."
Op die momenten is Sacha in haar element. "Het is
natuurlijk niet altijd spannend. Bij cao-onderhandelingen van de
Bouw- en Houtbond zit je tot drie uur 's nachts om te vernemen
dat er een compromis is bereikt over nul-komma-zoveel procent.
Niettemin is het leuk dat je helemaal in die onderwerpen duikt
en er veel van te weten komt. Mijn interesse is al breed, maar
wordt steeds breder. En daar heb je het weer: je komt binnen op
plaatsen die je fascinerend vindt. Dat is wat ik wil! Met de
camera als excuus. En uiteraard opent de camera van de NOS nog
meer deuren dan mijn Agfa-klak."
Achtergrondkoor
En zo zijn we weer terug in Weesp. O ja, daar had Sacha nog
eens een kortstondige carrière als achtergrondzangeres in de
band van haar broer Marc. "Hij speelde gitaar, nog steeds
trouwens. Ik was 14 of 15. Hij had een band en dan was het wel
leuk dat Mirjam Gribnau, de zus van de bassist, en ik het
achtergrondkoortje zouden vormen. De band heette Rude-de-dud.
Had ik verzonnen, vraag me niet waarom. Dat was in de tijd van
de ska. Wij mochten van meneer Van Reijen oefenen in De Ark.
Daar stonden we dan tussen de A4-tjes. Er ging daar echter wel
eens iets stuk, dus moesten we uitwijken naar die kerk bij het
postkantoor, hoe heet 'ie ook al weer? Het was al snel gedaan
met ons koortje. Zingen kan ik nog steeds niet."
Nog ambities? "Ik heb nooit mijn carrière gepland, dus
dat ga ik nu ook niet ineens wel doen. Ik zie wel. Wat ik nu
doe, bevalt me uitstekend." Radio misschien? "Ja, dat
vind ik een prachtig medium. Maar geen concrete plannen of open
sollicitaties." Een programma als Nieuws aan Tafel dan?
"Nee, dat moet Rick natuurlijk blijven doen. Hij doet dat
beter dan dat ik het óóit zou kunnen…"
|